Op woensdag 30 april 2025 was de tweede Nationale Geluidmeetdag in Nederland, tegelijk met de internationale Noise Awareness Day. Een mooi moment om stil te staan bij een simpele vraag: hoe klinkt Nederland eigenlijk? Dat vroegen we alle Nederlanders in beeld te brengen met de Klankbord App.
Tijdens de Nationale Geluidmeetdag doen burgers met hun telefoon een geluidsmeting en vullen ze een korte vragenlijst in over geluidsbeleving. Juist die combinatie is waardevol: geluid gaat niet alleen over decibellen, maar ook over hoe je een plek ervaart. Op termijn kunnen de uitkomsten aanknopingspunten geven voor beleid dat de geluidsbeleving verbetert.
Niet alleen “hoe hard”, maar ook “hoe voelt het?”
In 2025 vroegen we deelnemers om hun omgeving te typeren met de soundscape-methode: voelt een plek chaotisch of kalm, levendig of saai?
De uitkomst laat opnieuw, net als in 2024, een herkenbaar beeld zien: veel ervaringen liggen op de as van chaotisch ↔ kalm. Concreet:
- 41,9% van de deelnemers ervaart de omgeving als chaotisch
- 35,8% ervaart de omgeving als kalm
Een interessante nuance: uit de data blijkt dat de geluidsbeleving maar voor circa 14% samenhangt met het absolute geluidsniveau. Met andere woorden: context en soort geluid doen er enorm toe.
Het volledige rapport is via de onderstaande button direct te downloaden.
Waar werd meer “chaos” ervaren?
Op de kaartanalyse (pagina 2) zien we een duidelijk patroon: steden in het westen van het land worden gemiddeld chaotischer ervaren dan steden in het oosten.
Dat is geen “goed” of “fout”, maar wél waardevol: het helpt om verschillen in omgevingskwaliteit beter te begrijpen en om het gesprek te voeren over waar rust behouden kan blijven en waar verbetering mogelijk is.
Welke geluiden horen we het meest?
De vragenlijst vroeg ook naar de dominante geluidsbron. De verdeling (tabel 2) ziet er zo uit:
- Verkeer (weg- en rail): 34%
- Natuur: 25%
- Buren/mensen: 21%
- Machines/apparaten: 14%
- Muziek: 3%, vliegtuigen: 1%, overig: 2%
Mooi om te zien: veel deelnemers rapporteren natuurgeluiden, die vaak als positief worden ervaren. Dit past bij onze insteek: geluid is niet alleen “hinder”, maar ook kwaliteit, denk aan vogels, wind, spelende kinderen, of een rustige straat.
Deelname: grotere steden beter vertegenwoordigd
Ten opzichte van 2024 nam de deelname in de grote steden toe. De spreiding sloot daardoor meer aan bij de omvang van steden. In 2025 waren er bijvoorbeeld veel metingen in:
- Amsterdam (139)
- Eindhoven (133)
- Rotterdam (97)
- Utrecht (82)
Dit soort spreiding is belangrijk: hoe breder de deelname (stad én dorp, druk én rustig), hoe sterker het totaalbeeld.
Over de metingen: kalibratie en betrouwbaarheid
Geluidsmeten met telefoons is laagdrempelig, maar er zijn veel verschillende microfoons. In 2025 is geprobeerd de kalibratie te verbeteren, maar helaas werkte dit niet goed. Dit is inmiddels verholpen, grondig getest, en zou voor 2026 betere resultaten moeten geven voor gemeten geluidsniveaus.
Belangrijk: de belevingsresultaten kwamen wél goed door en vormen daarom de kern van de conclusies hierboven.
In de conclusie van het rapport staat dat het onderzoek relevant is en een grote mate van betrouwbaarheid laat zien, mede omdat de resultaten aansluiten bij landelijke feiten en waarnemingen.
Vooruitblik: waarom we dit blijven doen
Ook in 2026 organiseren we opnieuw een Nationale Geluidmeetdag op 29 april, met de ambitie dat meer mensen meedoen in Nederland en mogelijk ook daarbuiten. Het doel is om naast beleving ook betrouwbaardere geluidsniveaus te verzamelen, zodat beide aspecten nog beter samen kunnen worden geanalyseerd.
Doe mee op 29 april 2026
Meedoen is simpel: met de gratis Klankbord App kun je in een paar minuten bijdragen aan een landelijk beeld van geluidskwaliteit inclusief de mooie, rustige plekken die we willen begrijpen én behouden.
Op woensdag 29 april vragen we iedereen twee metingen te doen. één op een rustige en één op een drukke locatie zodat we echt in kunnen gaan op het verschil tussen hinderlijk en prettig geluid.

